Samenstelling
Het faculteitsbestuur bestaat uit:
- de decaan
- de vicedecaan onderzoek
- de vicedecaan onderwijs
- de vicedecaan internationalisering
- de voorzitter van de subfaculteit Letteren te Kortrijk
- vijf bestuurders die elk een aantal onderzoeksgroepen, gegroepeerd in een onderzoekseenheid vertegenwoordigen
- 2 vertegenwoordigers van de Geïntegreerde Faculteit Letteren
- een vertegenwoordiger van het assisterend en het bijzonder academisch personeel
- een vertegenwoordiger van de studenten
- een vertegenwoordiger van het administratief en technisch personeel
- de ATP-vertegenwoordiger
- de administratief directeur, die de notulen opstelt.
Bevoegdheden
- Het Faculteitsbestuur voert het dagelijks bestuur van de Faculteit, onverminderd de bevoegdheden van de Faculteitsraad en van de decaan.
- Het bereidt de Faculteitsraad voor, stelt het beleidsplan, de regels voor de middelenallocatie en het budget op.
- Het coördineert en integreert het algemeen beleid in zake onderwijs en onderzoek. Het ziet toe op de werking van de permanente onderwijscommissies, de onderzoekseenheden, de instituten en de centra, en het gebruik van de middelen.
- Het stelt de academisch verantwoordelijken voor de ondersteunende diensten, met name de onderwijsondersteuning – studiebegeleiding en monitoraat -, de bibliotheek, de informatica en de externe relaties aan en legt, in samenspraak met hen en met de adviescommissies, de beleidslijnen vast. Het organiseert de secretariaten en volgt de werking ervan op.
- Het beslist over de allocatie van de facultaire ruimtes en over de ermee verbonden logistieke materies.
- Het bepaalt het beleid inzake externe relaties en internationalisering, onder meer de relaties van de Faculteit met de andere universiteiten.
- Onverminderd de bevoegdheden van de beoordelingscommissie en van de facultaire evaluatiecommissie met betrekking tot het ZAP adviseert het Faculteitsbestuur de decaan met betrekking tot het personeelsbeleid.
- Het beschikt voor de uitvoering van de taken vermeld onder 4°, 5° en 6° over de noodzakelijke middelen die vooraf gereserveerd worden op de personeelsbegroting en op de begroting van de werkingsmiddelen.