De faculteitsraad stelt voor al de academische opleidingen van de faculteit samen een overkoepelende permanente onderwijscommissie in, didactische commissie genoemd.
De didactische commissie
De didactische commissie bestaat uit eenentwintig stemgerechtigde leden. Tien leden behoren tot het zelfstandig academisch personeel, drie leden tot het assisterend en bijzonder academisch personeel en zeven leden tot de studenten van de faculteit.
Lid zijn:
Leden die verhinderd zijn een vergadering bij te wonen, moeten zich door iemand uit hun geleding laten vervangen.
De woordvoerders van de stuurgroepen en de contactpersonen van de programma's die onder de bevoegdheid van de didactische commissie vallen, wonen de vergaderingen van de didactische commissie bij met betrekking tot agendapunten die hen aanbelangen. Zij hebben met betrekking tot het programma dat ze vertegenwoordigen zowel initiatiefrecht als spreekrecht.
De didactische commissie vergadert ten minste vier maal per jaar.
De faculteitsraad stelt zes permanente onderwijscommissies in binnen de faculteit en erkent twee interfacultaire permanente onderwijscommissie voor programma's die tot de volgende diploma's leiden:
De permanente onderwijscommissies Geschiedenis en Taal- en Letterkunde zijn ook bevoegd voor de bachelorprogramma's die aangeboden worden aan de subfaculteit Letteren te Kortrijk; ze werken voor aangelegenheden die deze subfaculteit betreffen, samen met de organen te Kortrijk.
Een permanente onderwijscommissie
Een permanente onderwijscommissie bestaat uit maximum eenentwintig stemgerechtigde leden:
Permanente onderwijscommissies die minder dan eenentwintig leden tellen, worden volgens dezelfde verhoudingen samengesteld.
De vergaderingen worden bijgewoond door de stafmedewerkers onderwijs en/of een lid van het administratief personeel dat secretariële ondersteuning biedt aan de permanente onderwijscommissie.
Stemgerechtigd voor de verkiezing van de vertegenwoordiging van het zelfstandig academisch personeel zijn de leden van het zelfstandig academisch personeel die op het bevoegdheidsdomein van de permanente onderwijscommissie een didactische opdracht hebben. De permanente onderwijscommissie legt met het oog op de verkiezing vast wie daartoe behoren. Buiten de programmadirecteur en de voorzitters van de curriculumcommissies zijn stemgerechtigde leden ook zelf verkiesbaar. De mandaatduur van de leden van het zelfstandig academisch personeel bedraagt drie jaar, behalve voor de leden die voorzitter zijn van een curriculumcommissie. Voor hen is de mandaatduur beperkt tot de periode van het voorzitterschap van de curriculumcommissie.
Stemgerechtigd voor de verkiezing van de vertegenwoordiging van het assisterend en bijzonder academisch personeel zijn de leden van het assisterend en bijzonder academisch personeel die op het bevoegdheidsdomein van de permanente onderwijscommissie een door de permanente onderwijscommissie bekrachtigde didactische opdracht hebben. Stemgerechtigde leden zijn ook zelf verkiesbaar. De mandaatduur van de leden van het assisterend en bijzonder academisch personeel is aan het academiejaar gebonden.
Verkiesbaar voor de vertegenwoordiging van de studenten zijn de studenten van de faculteit die onder de bevoegdheid van de permanente onderwijscommissie vallen. De mandaatduur van student-leden is aan het academiejaar gebonden.
Leden die verhinderd zijn een vergadering bij te wonen, moeten zich door iemand uit hun geleding laten vervangen.
Verkozen leden die ontslag nemen, die niet langer voldoen aan de voorwaarden van het mandaat of die in de definitieve onmogelijkheid verkeren hun mandaat uit te oefenen, worden opgevolgd door het lid van hun geleding met het hoogste aantal stemmen bij de niet-verkozen leden. De opvolger voleindigt het mandaat van zijn of haar voorganger.
Het bureau van een permanente onderwijscommissie bestaat uit de programmadirecteur, de adjunct-programmadirecteur, één door de permanente onderwijscommissie aangewezen lid van het academisch personeel en één student.
De permanente onderwijscommissie vergadert ten minste vier keer per jaar.
De programmadirecteur is een voltijds lid van het zelfstandig academisch personeel met een substantiële opdracht op het bevoegdheidsdomein van de permanente onderwijscommissie.
De programmadirecteur
De programmadirecteur wordt, behoudens andere door een permanente onderwijscommissie aan de faculteit ter bekrachtiging voorgelegde afspraken, verkozen door de leden van de faculteitsraad die met het oog op die verkiezing aan een (of meer dan een) permanente onderwijscommissie zijn toegewezen. Bij de verkiezing wordt de verhouding tussen zelfstandig academisch personeel, assisterend en bijzonder academisch personeel en studenten gerespecteerd. De verkiezing wordt door de aftredende programmadirecteur voorbereid in overleg met de decaan en dient door de faculteitsraad te worden bekrachtigd. Indien de aftredende programmadirecteur kandidaat is voor een tweede termijn, bereidt de decaan de verkiezing met een ander lid van het desbetreffende bureau voor.
Het mandaat van programmadirecteur duurt drie jaar en kan eenmaal hernieuwd worden.
Het mandaat van programmadirecteur is onverenigbaar met een mandaat op centraal of facultair beleidsniveau of met het voorzitterschap van een curriculumcommissie.
De permanente onderwijscommissie wijst onder de leden van het zelfstandig academisch personeel van de permanente onderwijscommissie een adjunct-programmadirecteur aan, die de programmadirecteur vervangt wanneer die tijdelijk verhinderd is.
Een permanente onderwijscommissie kan in haar schoot voor opleidingen die volledig onder haar bevoegdheid ressorteren curriculumcommissies instellen. Ze mag niet minder dan twee en niet meer dan tien dergelijke commissies instellen.
Een curriculumcommissie fungeert als orgaan van overleg en discussie tussen degenen die bij het onderwijs op een bepaald deeldomein waarvoor de permanente onderwijscommissie bevoegd is, betrokken zijn. De permanente onderwijscommissie bepaalt de deeldomeinen waarvoor ze curriculumcommissies wil instellen.
De curriculumcommissies adviseren de permanente onderwijscommissie waaronder ze ressorteren over
De curriculumcommissies voeren de beslissingen uit die door de faculteit of door de permanente onderwijscommissie zijn genomen met betrekking tot
De permanente onderwijscommissie kan in haar huishoudelijk reglement haar curriculumcommissies verdere bevoegdheden toekennen. Die bevoegdheden kunnen zowel van beleidsvoorbereidende als van uitvoerende aard zijn.
Een curriculumcommissie rapporteert over haar werkzaamheden aan de permanente onderwijscommissie.
Een curriculumcommissie is samengesteld uit leden van het zelfstandig academisch personeel en van het assisterend en bijzonder academisch personeel en uit studenten, in dezelfde verhoudingen als in een permanente onderwijscommissie; het maximum aantal leden is vastgesteld op eenentwintig.
De onderwijscommissie legt in haar huishoudelijk reglement vast welke leden van het zelfstandig academisch personeel en van het assisterend en bijzonder academisch personeel aan de verschillende curriculumcommissies worden gehecht en wie verkiesbaar is. Ze legt tevens in dat reglement de procedure van verkiezing voor de verschillende geledingen vast.
De curriculumcommissie legt haar samenstelling elk jaar op de eerste vergadering van het academiejaar ter goedkeuring aan de permanente onderwijscommissie voor.
De curriculumcommissie nodigt op haar vergaderingen andere leden van de academische gemeenschap als waarnemers uit voor de agendapunten die hen aanbelangen.
Een curriculumcommissie vergadert op verzoek van de permanente onderwijscommissie of op eigen initiatief zo vaak als nodig wordt geacht, maar in ieder geval met betrekking tot aangelegenheden op het domein van de curriculumcommissie die op de permanente onderwijscommissie worden geagendeerd.
Het voorzitterschap van een curriculumcommissie wordt door een lid van het zelfstandig academisch personeel waargenomen voor een periode van drie academiejaren en is eenmaal hernieuwbaar.
Bij de instelling van een curriculumcommissie wordt de voorzitter door de leden van de curriculumcommissie aangewezen onder de leden van het zelfstandig academisch personeel die voor het voorzitterschap in aanmerking komen. Daarna wordt de voorzitter door en onder de leden van het zelfstandig academisch personeel van de curriculumcommissie gekozen.
Bij voortijdige beëindiging van het voorzitterschap begint voor de opvolger de nieuwe periode van drie jaar pas bij het begin van het academiejaar.
Het voorzitterschap van een curriculumcommissie is onverenigbaar met het voorzitterschap van de permanente onderwijscommissie of met een mandaat op centraal of facultair beleidsniveau.
De voorzitter - of bij diens verhindering een ander door de leden van het zelfstandig academisch personeel van de curriculumcommissie door verkiezing aangewezen lid van het zelfstandig academisch personeel - vertegenwoordigt in de permanente onderwijscommissie de curriculumcommissie en vertolkt er haar opvattingen en standpunten.
Dit reglement werd goedgekeurd door de faculteitsraad op 11 maart 2004. Het werd van kracht op 1 augustus 2004. Ter voorbereiding van de inwerkingtreding werden de verkiezingen voor de samenstelling van de permanente onderwijscommissies binnen de faculteit georganiseerd in de loop van de maanden maart en april 2004 en werden de programmadirecteurs aangesteld op faculteitsraad van 13 mei 2004.
| POC Culturele studies | J. Baetens (vrz) | LETT 03.25 | 016/ 32.48.46 |
|---|---|---|---|
| POC Taal- en Letterkunde | R. Ingelbien (vrz) | LETT 04.26 | 016/32.48.81 |
| Adj : J. van der Horst | LETT 02.22 | 016/ 32.48.04 | |
| POC Taal- en Regiostudies | T. Soldatjenkova (vrz) | LETT 07.34 | 016/32.49.58 |
| Adj. : K. Van Heuckelom | LETT 07.38 | 016/32.49.15 of 016/32.49.31 | |
| POC Bedrijfscommunicatie | K. Jaspaert (vrz) | LETT 01.21 | 016/32.50.20 |
| POC Archeologie, Kunstwetenschappen en Musicologie | L. De Ren (vrz) | LETT 04.07 | 016/32.48.66 |
| I. Schoep (secr) | LETT 04.35 | 016/32.48.88 | |
| POC ALO/SLO | L. Sercu (vrz) | LETT 02.40 | 016/32.48.26 |
| B. Dekeyzer (secr) | LETT 01.08 | 016/32.47.55 of 016/32.50.50 | |
| POC Geschiedenis | W. Thomas (vrz) | LETT 05.27 | 016/32.49.91 |
| Adj.: K. Vandorpe | LETT 06.40 | 016/32.49.28 of 016/32.50.71 | |
| POC Letteren | J. Verberckmoes | LETT 00.06 | 016/32.50.02 |
zie Toledo